• Financiële rustbank

    Een financiële instelling is een bank, maar daarom nog geen rustbank. Of een strandstoel met zicht op eb en vloed van de geldzee, onstuimig of teruggetrokken. Als je je oor inschelpt, denk je nog, het zijn allemaal toch geen mosselen.

    Ook de verlokkingen schelen: flessen wijn, chocotoffs of Madoffs. De CDO's, kort en goed, vermomd als Collateralized Debt Obligations of een soort zelfmoordgif, werden versjacherd of door de strot geramd. Met een genegenheidsklopje onder de kaak. Slikken. Jammer, een CDS-je (Credit Default Swaps of verzekering tegen wanbetaling) kan híer helaas niet meer. Moet er nog drijfzand zijn?

    Voor zo een verrichting mocht je nog eens in een zetel van de bank, tenzij je het met surfen reeds zitten had. Piramides waarbij die van Oud Egypte nog zouden verbleken, als een Pak-de- poen-show. Hou: knowhow. Auw, auw, auw!

    De diepste crisis wordt voorlopig uitgespaard. De banken liggen op mensengapen. De regering leent geld bij de banken om hen uit de penarie te halen. Bepaalde spaartegoeden worden van overheidswege gewaarborgd, opdat spaarders met afhalen geen hold-up zouden plegen op de banken of haarzelf. De helper is de grootste poefhouder. De staat is volgens de klassieke wiskunde failliet. Maar telkens wordt er een andere, politieke vennootschap opgericht. De partijen zitten vol stromannen.

    Als de mensen de centen niet meer laten rollen en beginnen te hamsteren lijk de vroegere jaren, dan zou de ramp zich drastisch aan het voltrekken zijn. Goed, dat alle van de super vele regeringen en parlementen niet werken, om nog meer te doen wat nooit nog mocht gebeuren.

    Wie denkt dat de tussenkomst van de Vadertje Onverlaat wordt aangewend om de kuiperijen te verbannen, om van marketing minder marteling te maken of minder hocus pocus bonus. De kortzichtigheid wordt verlengd. Sluwe valutatransacties en leningen worden verhuisd, creatief boekhouden krijgt er een schooljaar bij, de prijs der opleidingscursussen dient verhoogd. Nieuwe erkenningen volgen. Er wordt verder bijgeklust en gesust, afgezogen via de rampkap der cumuls. Met meer en meer culinaire boeken om de ellende gaar te krijgen, op een bedje van niet goed verstaan, maar niet uit te benen.

    Het appeltje voor de dorst bengelt in een bomgaard, het nog niet geboren nageslacht is al gesneden en de kritiek wordt weggeduwd door de bullshitdozer. Ook van deze rupsbanden komen geen vlinders.

    De beschaving wordt platter. Dat ik ook nog in het echte wespennest heb gefladderd. Nog steeds van gestoken.